Voor ontwikkelaars & agents
Agent-first & llms.txt
Hoe agents Up/Actions leren kennen en aansturen, via de CLI, de API, MCP en een machine-leesbare kennisbank.
Up/Actions is agent-native ontworpen: een agent is een eersteklas gebruiker, niet iets wat achteraf is aangeplakt. Mens én agent werken op dezelfde bron van waarheid.
Één kern, vier voordeuren
Onder de web-UI, de REST API, de CLI en de MCP-server zit dezelfde service-laag met dezelfde regels. Wat je via de ene ingang doet, geldt overal. Een actie kan van een mens, een AI, een API-call of een webhook komen; het source-veld weet waar 'ie vandaan komt.
Least-privilege voor agents
Geef een agent een API-sleutel met precies de scopes die het nodig heeft. Een monitoring-agent krijgt read-only; een uitvoerende agent krijgt schrijfrechten. Een workspace-gebonden sleutel blijft in z'n workspace.
Deze kennisbank is machine-leesbaar
Zodat een agent Up/Actions zonder mens kan leren kennen:
- llms.txt — een gecureerde index (llmstxt.org-standaard) met links naar alle thema's.
- llms-full.txt — de volledige kennisbank als één markdown-bestand, in één fetch.
# Een agent leert de hele app kennen met één commando
curl https://actions.upscailed.nl/llms-full.txt
Praktisch: een agent-fleet op Up/Actions
De meest robuuste route voor geautomatiseerde agents is de CLI in een shell-stap: geen verbinding om te babysitten, platte leesbare output, en --json voor machine-verwerking.
# Voorbeeld: een agent haalt achterstallige acties op en handelt ze af
actions overdue --json | jouw-agent-script
Zo wordt Up/Actions het gedeelde takenbord waar jij, je team én je agents dezelfde acties aansturen.